Ook in gesprek?

Gesprekken met cliëntenraadsleden: een win-win situatie. Cliëntenraadsleden reflecteren op hun eigen werkelijkheid. LOC hoort wat er speelt en neemt dit mee bij de belangenbehartiging richting landelijke partijen. En in de ontwikkeling van LOC-dienstverlening. En ik, LOC-adviseur, leer tijdens de gesprekken over de dagelijkse praktijk van raden.

Gezien, gehoord en betrokken

Wat opvalt is hoe belangrijk het is voor cliëntenraden om gezien, gehoord en betrokken te worden door bestuurders. Het frustreert een raad wanneer er geen andere keus is dan volgen, vragen en afwachten. Ook het contact met de achterban is een uitdaging.

Goede medezeggenschap

Cliëntenraden vertellen ook wat werkt om de medezeggenschap goed te laten verlopen. Door gebruik te maken van elkaars talenten, goed te luisteren naar wat beleid betekent voor cliënten en te zorgen dat de achterban je kent en je weet te vinden. 

Tips cliëntenraden

Cliëntenraden vinden het prettig om de tijd te nemen en als cliëntenraad met elkaar in gesprek te zijn en tips vanuit LOC te krijgen. Nieuwe kansen komen naar voren en het inspireert om verder te gaan. 

Ook ervaringen delen met LOC? Neem gerust contact met mij op via vraagbaak@loc.nl of 030 284 3200. Ik kan gratis langskomen in september of oktober. Op een andere manier met elkaar in gesprek gaan is natuurlijk ook mogelijk! Reacties op deze pagina kan ik na mijn vakantie (na 7 september) beantwoorden.

Download artikel als PDF

Praat mee! (6)

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

1 maanden geleden

Beste Nico en andere lezers,
Indien ik jouw stuk goed lees dan stel je onder D een vraag over vrijwilligers.
De WMCZ zegt niets over vrijwilligers in de cliëntenraad. De WMCZ kent het woord ‘vrijwilliger’ niet eens. Het LOC gaat op dit punt de brochure over vrijwilligers in de raad aanpassen. Ook de term ‘conflicterende belangen’ kent de wet niet. De wet kent als eis dat een cliëntenraad redelijkerwijze representatief kan worden geacht voor de betrokken cliënten en redelijkerwijze in staat kan worden geacht hun gemeenschappelijke belangen te behartigen (artikel 3, lid 2 WMCZ).
Voor het feit dat een vrijwilliger al dan niet de doelstelling van de instelling moet onderschrijven is geen wettelijke regel. Persoonlijk denk ik dat je als vrijwilliger (of medewerker) weinig te zoeken hebt in een instelling als de je de doelstelling van die instelling niet onderschrijft. Sterker nog indien je ten behoeve van een instelling vrijwilligerswerk doet dan onderschrijf je stilzwijgend, door dit werk te doen, de doelstelling van die instelling.
Je kan in een vrijwilligersovereenkomst de onderschrijving van de doelstelling van de instelling weglaten. Denk er aan dat in een overeenkomst de beweegredenen om die overeenkomst aan te gaan niet altijd behoeven te worden opgeschreven indien die voor partijen bekend zijn.
Ook de vrijwilliger die geen schriftelijke overeenkomst heeft met de instelling heeft een overeenkomst. Door het aanbod van de instelling en de aanvaarding van de vrijwilliger van het werk ontstaat een (mondelinge) overeenkomst met daarin tevens de acceptatie van de doelstellingen van de instelling. De vraag of de vrijwilliger wel of geen schriftelijke overeenkomst heeft vind ik voor het bestaan van een overeenkomst niet van groot belang.
Uit onderdeel E begrijp ik dat je een vraag hebt over de samenstelling van het DB van de CCR. Vanuit welke achtergrond dit DB is samengesteld zegt de WMCZ niets. Wie lid kan worden van een cliëntenraad (dus ook de CCR) wordt geregeld in artikel 3 lid 2 WMCZ. Artikel 3, lid 6 WMCZ zegt iets over de taakverdeling.
Door je opmerking onder F begrijp ik dat ik mij niet juist heb uitgedrukt waardoor de indruk kan ontstaan dat ik kritiek heb op de brochures van het LOC.
Dat is niet het geval. Alleen de brochure over vrijwilligers in de raad moet worden gewijzigd naar mijn mening.
Sorry dat ik iemand met 14 jaar ervaring heb geadviseerd de WMCZ te lezen.
Met vriendelijke groet,
Henk Kompagne

Reageer op dit bericht
Nico Rost 1 maanden geleden

Geachte heer Kompagne,
Hartelijk dank voor uitgebreide reactie.
Met betrekking tot een cliëntenraad is onze stelling dat deze raad binnen het kader van de doelstellingen van de Zorgaanbieder in het bijzonder de gemeenschappelijke belangen van de betrokken cliënten behartigt. Deze cliënten maken geen deel uit van de organisatie van de Zorgaanbieder, maar verwachten hiervan slechts  Verantwoorde Zorg en hiervoor wordt via de ZZP tarieven betaald. Hier is wel een zorgafhankelijk relatie, maar geen organieke. De CR behartigt van deze cliënten de gemeenschappelijke belangen en wordt daarmee als onafhanelijk  beschouwd. In al onze vigerende samenwerkingsdocumenten(WMCZ 1996) hebben we getracht om alle afhankelijkheidselementen te vermijden, zoals benoeming van CR-leden door Zorgaanbieder, collectief ontslag enz. Onze last of ruggespraak ligt bij onze achterban, te weten “betreffende c;iënten”. Bij het opstellen van de nieuwe Medezeggenschapsreglementen willen we dit weer bewerkstelligen. Onze Zorgaanbieder vindt dat de Cliëntenraad ten dienste moet staan van de Zorgaanbieder .
U heeft gelijk. De zeggenspraak ligt bij de Zorgaanbieder, maar die moet in haar daden kritisch gevolgd worden door de Cliëntenraad, die bij elke RvB beslissing kan vragen: wat betekent dit voor “mijn cliënten”?
B. Onze Zorgaanbieder is tegen de algemene tendens is  een lijnorganisatie geworden. RvB heeft dan ook de nijging om bij voorkeur zaken te doen met een CCR, daarmee de bevoegdheden van de CR’en ( zoals de WMCZ 2018 voorstaat) ondermijnend . Een CCR kan dan ook niet voorschrijvend zijn.
C. In het kader van een onafhankelijke positie van de CR is onze voorkeur: benoeming van leden door de CR. Bij werving van CR-leden kan gebruik gemaakt worden van het door zorg van LOC ontwikkelde Functieprofiel, bij keuze niet te strikt hanteren, want anders geen nieuwe leden. 
D. Vrijwilligers in de raad: De Zorgaanbieders willen naar hun zeggen vermijden dat er conflicterende belangen ontstaan. Vraag is: moeten vrijwilligers de doelstellingen van de Zorgaanbieder onderschrijven? Ook door de vrijwilliger die de koffieronde verzorgt? Kan dit ook vermeden worden door een goede omschrijving in de af te sluiten vrijwilligersovereenkomsten?
E. Is de personele bezetting van het DB CCR door een voorzitter uit Zorgaanbiederskringen zonder uitstapje naar MZ, een secretaris idem en een vice voorzitter uit ondernemerskringen zonder tegenspraak duldend de juiste of gewenste? Geen ervaring uit MZ-kringen. Uw advies om de WMCZ ( nieuw en oud) heb ik de afgelopen 14 jaar vele malen gedaan en ook deelname aan de gegeven WMCZ cursussen worden aanbevolen, met anme de onderlinge discussies van de deelnemers is leerzaam.
F. Uit uw commentaar maak ik op dat u wat negatieve ervaring heeft met de LOC brochures. Deze mening kan ik niet delen. Er is een heel scala aan brochures op velerlei MZ-gebied. Bij geconstateerde onjuistheden stond LOC open voor kennisname hiervan. Ook de regionale en lokale bijeenkomsten waren hiervoor een geschikt forum.
Ook Klazien bedankt. Discussie wordt door Willeke K. gezet op de VVT site.

Reageer op dit bericht
Klazien Teeuwissen 1 maanden geleden

Geachte heer mr. Kompagne, beste Henk,
Hartelijke dank voor uw uitgebreide en zorgvuldige reactie. 
Ik realiseer me dat woorden – ook vanuit juridisch perspectief – goed gewogen dienen te worden. 
Bij A: U heeft gelijk. Een cliëntenraad is niet onafhankelijk, maar ook geen ondersteuner van het management. Een cliëntenraad is een medezeggenschapsorgaan, die niet beïnvloed wordt door wat de organisatie wil (wel ingesteld door) én werkt op basis van signalen vanuit de achterban. 
Bij B: U geeft een goede aanvulling. Een CCR kan worden ingesteld. De praktijk van alle dag kent vele variatie in CCR-en. Van een marginale bijdrage tot een CCR met zeer invloedrijke bijdrage. Dat hangt ook af van de besturingsfilosofie van de organisatie. 
Bij C: Hier had ik specifieker kunnen uitdrukken dat er meer mogelijkheden bestaan. Ik ben in deze situatie uitgegaan van de tekst in de model-medezeggenschapsregeling die in samenwerking met LOC en de branchepartijen ActiZ, Zorgthuisnl en GGZ Nederland is opgesteld. Er is voor gekozen om deze twee duidelijk te onderscheiden opties te benoemen. Er zijn inderdaad meerdere opties mogelijk, die cliëntenraden en zorgorganisaties zeker kunnen verkennen. 
Bij D: Mijn (juridische)  kennis over dit onderwerp is nog beperkt. Ik nodig hierbij anderen uit om op uw inbreng te reageren. En naar mijn informatie bent u over dit onderwerp ook in gesprek met één van mijn collega’s

Reageer op dit bericht
1 maanden geleden

Let op, onjuiste/onvolledige antwoorden LOC
Beste Nico en Klazien,
Bij het lezen van jullie correspondentie zag ik dat Klazien onjuiste/onvolledige antwoorden geeft.
A.
Een cliëntenraad is nadrukkelijk geen onafhankelijk adviesorgaan. Het recht van advies is slechts één van de bevoegdheden (naast het recht van instemming en het recht van initiatief) van een raad. Door het een adviesorgaan te noemen is niet goed begrepen wat de wetgever heeft bedoeld en geeft foutief en/of te beperkt weer wat een cliëntenraad doet. Jammer dat het LOC zo’n elementaire fout maakt. De raad is een medezeggenschapsorgaan evenals een ondernemingsraad. De raad is dus veel meer dan een adviesorgaan.
De raad is ook niet onafhankelijk. Dit woord komt in de wet (WMCZ) dan ook niet voor. Onafhankelijk zou de indruk kunnen wekken dat de raad handelt zonder last of ruggespraak. De raad is juist zeer afhankelijk. Het gemeenschappelijk belang van cliënten is hét baken waarop wordt gevaren.
De raad is ook niet onafhankelijk van de instelling. De raad heeft geen zeggenschap maar medezeggenschap. De zeggenschap ligt bij de instelling (vaak een raad van bestuur). Het lijkt googelen met woorden maar er is een verschil tussen zeggenschap en medezeggenschap. Het adagium is dan ook dat medezeggenschap zeggenschap volgt.
Over medezeggenschap kan ik nog wel het één en ander schrijven na 15 jaar voorzitterschap van een ondernemingsraad van een brandweerorganisatie. Misschien een volgende keer.
B.
De indruk zou kunnen bestaan dat bij een instelling met meerdere locaties een CCR moet bestaan. De wetgever spreekt niet over ‘moet’ maar over ‘kan worden ingesteld ‘. Er zijn dan ook CCR’S die een marginaal bestaan leiden, zeker nu veel instellingen niet meer met een lijnorganisatie werken.
C.
De wetgever heeft niet slechts 2 opties genoemd voor het benoemen van leden van de raad. De wet benoemt geen concrete optie maar spreekt slechts over het vastleggen van een wijze van benoeming. De twee genoemde opties zijn twee van de vele mogelijkheden.
D.
Ik heb het LOC al gewezen op fouten in hun brochure over vrijwilligers in de raad (er komt een verbeterde brochure). Ten onrechte nam het LOC aan dat de wetgever het verbood dat vrijwilligers lid zijn van de raad. In de wet komt het woord ‘vrijwilliger’ niet voor.
De wetgever spreekt niet over de onafhankelijkheid van de leden van de raad. De wetgever heeft slechts de eis dat de raad representatief is, meer niet.
Blijkbaar werkt het LOC aan haar eigen opheffing door vast te houden aan het (niet door de wetgever bedoelde) advies er voldoende bij stil te staan en afspraken te maken indien men ondanks de (de niet in de wet genoemde) bezwaren van het LOC toch vrijwilligers lid laat worden van de raad.
Ik ben het eens met Nico dat het in stand houden van cliëntenraden vrijwel onmogelijk is zonder de instroom van vrijwilligers. Ook de door het LOC genoemde voorwaarden werken drempelverhogend waardoor het enthousiasme om lid te worden van een raad niet wordt bevorderd. Zonder raden heeft het LOC geen bestaansrecht, althans niet als belangenbehartiger van cliëntenraden. Het zou goed zijn dat het LOC afstand neemt van een achterhaald standpunt en de zich bewust wordt van de realiteit.
Blijkbaar wil het LOC tegen de bedoeling van de wetgever in haar doel bereiken. Het is niet de eerste keer dat ik het LOC aanspreek inzake het negeren van wet- en regelgeving. Ook haar welbewuste medewerking aan de opsluiting (ik bedoel dus niet het bezoekverbod) van bewoners van verpleeghuizen was wederrechtelijk.
E
Ik heb op deze vraag, evenals Klazien, geen antwoord. Mogelijk dat ik je vraag beter begrijp aan de hand van een voorbeeld.
Advies, lees de WMCZ (te vinden op de site van LOC). Het is een korte wet, in begrijpelijke taal en ook niet bijzonder ingewikkeld. Heb je vragen, dan verneem ik dat wel via dit platform.
Met vriendelijke groet,
mr. H. (Henk) W. Kompagne

Reageer op dit bericht
Nico Rost 1 maanden geleden

Bij het invullen van de Medezeggenschapsregelingen zijn bij Florence/Haaglanden de volgende discussies ontstaan:
a. Wat is de positie van de Cliëntenraad versus de Zorgaanbieder: ter ondersteuning van het Management of onafhankelijke instantie die te nemen maatregelen door de RvB kritisch volgt en zich afvraagt: wat betekent dit voor mijn cliënten.
b. Bestaat er een hierarchische relatie tussen CCR en Cliëntenraden of wel schrijft de CCR voor hoe gehandeld moet worden? Strijdig met MZ op lokatie niveau?
c. Moeten de leden van de lokatiecliëntenraden worden benoemd door de RvB of kan dit door de lokatiecliëntenraden zelf gebeuren? is het dan ook vereist om een motivatiebrief aanleveren bij de RvB. Volgens mij is dit een ongewenste ingreep in de organisatie/functioneren van de lokatiecliëntenraden.
d. Kunnen vrijwilligers ook lid van een Cliëntenraad zijn? Bij NEE loopt elke cliëntenraad leeg!
e. Wat is het gevoel over de leiding van de CCR door ex Zorgaanbieders of ex-ondernemers , die niet zo veel op hebben met MZ?
Gaarne zou ondergetekende uw visie over bovenstaande vragen willen ontvangen. Help!!

Reageer op dit bericht
Klazien Teeuwissen 1 maanden geleden

Dank je wel Nico, voor je ‘Praat mee’. Ik reageer aan de hand van jouw 5 punten.
A: Uw laatste optie: U bent een onafhankelijk adviesorgaan.
B: Er is ip geen hiërarchische relatie, wel is er sprake van verdeling van de taken op basis wat lokaal kan, lokaal behandelen. Er worden bevoegdheden overgedragen aan de CCR voor bepaalde afgesproken locatie-overstijgende aangelegenheden. Het is goed dit met elkaar te bespreken en vast te leggen in een visie document. Het is belangrijk dat iedereen zich hierin kan vinden, want beide ondertekenen.
C: Ook hier is het belangrijk dat u daar samen uitkomt. De bestuurder stelt de leden aan, dit kan niet zonder voordracht van de cliëntenraad. Een motivatie brief of mondelinge onderbouwing van de voordracht komt van de cliëntenraad als geheel.
In de medezeggenschapsregeling zijn 2 opties aangegeven
Optie a
De cliëntenraad voert een gesprek met kandidaten voor een zetel in de cliëntenraad en draagt op basis daarvan kandidaten voor benoeming voor aan de raad van bestuur. De raad van bestuur volgt de voordracht van de cliëntenraad, tenzij dit in redelijkheid niet van de raad van bestuur verwacht kan worden.
Optie b
De cliëntenraad voert een gesprek met kandidaten voor een zetel in de cliëntenraad en benoemt vervolgens geschikte kandidaten.
D: Als LOC zien wij een aantal bezwaren voor het aanstellen van vrijwilligers. En dat gaat met name over de positie van een vrijwilliger, want die heeft een relatie met organisatie en de cliëntenraad is onafhankelijk. Dat kan verwarring en dubbelrol opleveren. Wanneer een raad er toch voor kiest om vrijwilligers in te zetten, dan is het goed dat men daar rekenschap van heeft en daar afspraken over maakt.
E: Hier heb ik geen ervaring mee. Maar wellicht zijn er andere lezers die deze vraag van u kunnen beantwoorden.

Reageer op dit bericht

Bijdragen?

Op de Praat mee-pagina’s staan allerlei vragen, antwoorden, tips, oproepen, blogs en vlogs van mensen die betrokken zijn bij LOC Jeugd. Van mensen uit de kern van het netwerk tot mensen die LOC en haar visie een warm hart toedragen. Iedereen kan bijdragen. Daarom komt niet alles wat er geplaatst wordt, per se overeen met wat LOC Jeugd vanuit haar visie vindt.

Praat ook mee >

Vragen? Mail webmaster@loc.nl of bel 030 284 3200.

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.